|
Geschiedenis van de Dolle Mol, door Gérard, 13 juli 2006, vertaling uit het Frans door Jan voortgaande op http://www.cemab.be/news/2006/07/1616.php
Een interview met Jan Bucquoy, initiatiefnemer voor de heropening van de Dolle Mol. Het gesprek ging door voor de uitzetting in juni 2006 (verschenen in nr. 145/146 van het tijdschrift C4)
Wedergeboorte van de Dolle Mol
Dit jaar (2006 nvdr) ging in Brussel de strijd tegen de privé-eigendom van start in de Spoormakersstraat nr. 52, een alternatief voor de traditionele syndicale 1 mei- afspraak waar niets te gebeuren viel. Na een sluiting van drie en een half jaar stond de deur opnieuw open, het slot was gewisseld en hop: het was opnieuw mogelijk een Pintje te bestellen aan de toog van de Dolle Mol, legendarisch café van ons nog goede oude Brussel. Spijtig genoeg liet de reactie niet op zich wachten, een procedure in kortgeding werd opgestart door de speculanten om de toe-eigening van hun eigendom ongedaan te maken. Een stand van zaken met Jan Bucquoy, initiatiefnemer van deze langverwachte heropening, te oordelen naar het veelvuldig bezoek.
Kan je kort de geschiedenis van de Dolle Mol schetsen om goed te zien wat op het spel staat?
Brussel is altijd een stad geweest waar de controle een beetje minder groot was dan elders, Londen, Parijs of Amsterdam. In de 19de eeuw was er een toestroom van interessante mensen, en het is geen toeval dat Marx, Engels, Victor Hugo, Baudelaire hier kwamen wanneer ze problemen hadden. Zij lieten hun boeken hier uitgeven omdat er geen voorafgaande censuur was op pers en uitgave, er was een minder geslepen politie zo je wilt. In de 20ste eeuw, nog voor de Dolle Mol bestond, werd deze straat reeds druk bezocht, zonder twijfel dank zij de talrijke boekenwinkels en cafés, zo'n honderd meter van de Grote Markt: de lieden van COBRA, de surrealisten, Achille Chavée, Guy Debord, Marcel Mariën,...
Dit om het verband te leggen met de jaren 1960 en 1970 waarin de Dolle Mol een beetje dezelfde rol als aantrekpunt gespeeld heeft. Het is gesticht door een libertaire boekhandelaar die in deze straat zijn winkel had vanaf 1965. Er werden niet veel boeken verkocht en zij die er kwamen, hadden schulden, zodus dronk men liever bier. Beetje bij beetje, omdat er meer bier dan wat anders werd verkocht, heeft hij een plek aan de Kaasmarkt gevonden, waar gedurende een jaar, anderhalf jaar de Dolle Mol was gevestigd. Als gevolg van een doodslag is het ginder gesloten en heeft het café in 1971 in het huidig gebouw een onderkomen gevonden.
Zijn geschiedenis is dezelfde als in de 19de eeuw, tal van interessante mensen kwamen hier: Baader en Meinhof, Bob Dylan, Arrabal, Tom Waits, Reiser, Ferré, Hollandse schrijvers na de Povo-beweging, Jeroen Brouwers, Simon Vinkenoog, Walter De Buck... Langskomen in Brussel, betekende voor al deze mensen ook langskomen in de Dolle Mol. Cinema- en theatermensen kwamen hier hun teksten voorlezen, om een eerste publiek te vinden. Vergaderingen van de Kongolese regering in ballingschap gingen hier door. En de gasten die hier het cliënteel vormden waren altijd mensen uit de marge, al 35 jaar, dat zijn al twee generaties! Veel weggelopen jongeren vonden hier gedurende enkele dagen opvang op een van de verdiepingen. Het is altijd een libertaire stek geweest, waar men niet lastig gevallen werd, een café waar men niet moest gebruiken, en waar vrouwen rustig konden langskomen.
Wat is er in 2002 gebeurd toen het café gesloten is?
Ik maakte deel uit van de vzw "Kunst Promotie" die onderverhuurde van Interbrew, de officiële huurder. Noch zij, noch de spookeigenaar, die wij nooit hebben kunnen bereiken, hebben zich ooit bekommerd om de staat van het gebouw. Wij waren verplicht alles zelf te herstellen, op te lappen, met het geld dat kwam van waar het hier om ging, nl. het bier, altijd aan de laagste prijs op de markt. Het spreekt voor zich dat men hiermee geen toiletten kon herstellen, geen dak,... Zij hebben niets gedaan. De problemen waren zodanig dat om de drie dagen de poep uit de kelder moest weggeruimd worden. Ik geloof dat gedurende de 15 jaar dat de vorige vzw bestond er een vijftigtal aangetekende brieven werden gestuurd, even zovele pogingen van onze kant om een oplossing te vinden. Interbrew zei: "het is niet aan ons om dat te doen, dat is aan de eigenaar" en daarvan hebben wij nooit geweten wie het was of waar hij was, we hebben hem nooit gevonden. Het was een erg bevreemdend spel... We hebben vervolgens gedreigd niet meer te betalen, hetgeen we zo'n zes maanden gedaan hebben, met als gevolg dat de deurwaarder de tafels verkocht, en wij ze terug kochten en, op een dag, zag het kuismeisje 's morgens de hele inboedel op straat staan.
Interbrew had alles buiten laten zetten en een affiche "TE HUUR" opgehangen. Ze hebben de gevel in orde gebracht, nieuwe ramen laten steken en voor de rest niets. Ik ben twee maal teruggekeerd met een project van volkscultuur, de huur was toen 1.500 €, maar alles was over te doen, onmogelijk. Ik heb voorgesteld akkoord te gaan om de werken te doen in ruil voor enkele maanden gratis huur, ik heb nooit antwoord gekregen, zuivere speculatie. Zie willen er ongetwijfeld op een dag een luxezaak van maken, zoals overal in deze stad.
Nu we heropend zijn is de onvindbare eigenaar boven water gekomen en hij heeft een procedure ingeleid van hoogdringendheid ! Het gaat om een vennootschap van aandeelhouders maar het is altijd hetzelfde probleem, onmogelijk hen te contacteren. Noch de journalisten, noch onze advocaat hebben rechtstreeks contact kunnen leggen. Wij zien tot waar dat zou kunnen leiden maar het idee is om de Dolle Mol te behouden zoals hij altijd is geweest en ons te verzetten tegen een uitzetting na het proces. Het idee is tevens om de stad een menselijk gelaat te doen behouden, zodat men nog altijd zin heeft er te wonen. Voor het ogenblik steunen de winkeliers in de straat ons en het oude cliënteel komt terug, aangevuld met een nieuw publiek.
Tekst opgemaakt door Gérard.
|