|
Een artikel van Jan Hertogen Na correctie tot 39% in 2007 ligt Oostende in de lijn van de meeste andere centrumsteden Oostende deed het ook goed maar bediende het algemene beleid van foutieve cijfers 'Fout' door juiste toepassing van 'richtlijnen'? Of was er een speciale voor Oostende? De politiek euforie was zonder grond voor de harde aanpak van 'laaggeschoolden' Misschien is er voor laaggeschoolden ook sprake van een effectief 'Limburgs model'. Waarom heeft niemand die evidente fout gezien en heeft ze 18 maanden aangesleept? Waarom hebben overheid, vakbonden en werkgevers (VESOC) de klok zelf niet geluid? De VDAB zou best alle uitgekuiste cijfers centrumsteden publiceren vanaf januari 2006
Databank werkloosheid VDAB BuG 74 BuG 75 Basistabellen scholing onderaan
De npdata-analyse van het Oostends model heeft zowel Minister Vandenbroucke als Vande Lanotte er toe gebracht te reageren. "Er is een fout gemaakt die rechtgezet is", zegt Vande Lanotte, "maar de richtlijnen werden gevolgd". De fout is rechtgezet maar richtlijn werd niet gevolgd. "Appelen werden met peren vergeleken" zegt Vandenbroucke, die gedurende anderhalf jaar zelf appelen voor peren heeft verkocht. Doordat npdata naar de appelen gekeken heeft wordt de schade van de fout ingeschat. "De vergelijking moet voor twee jaar gemaakt worden" stelt Vande Lanotte. Npdata heeft zowel de evolutie op één als op twee jaar nagegaan en gedocumenteerd. "Dan blijkt de meerwaarde van Oostende als de groep laaggeschoolden apart genomen wordt: daling met 40% in Oostende en 30% in Vlaanderen". Omdat de specifieke cijfers voor laaggeschoolden een nieuw element (kunnen) zijn heeft npdata de cijfers opgevist uit de VDAB-databank om werkloosheidsdaling te berekenen bij -25 jarigen voor de 13 centrumsteden voor laaggeschoolden, middengeschoolden en hooggeschoolden in september 2005, 2006 en 2007. Oostendse registratiefout liet werkloosheid laaggeschoolde jongeren met 68% dalen "De Oostendse cijfers waren fout tot juni 2007" bevestigt Vande Lanotte. In september 2006 werd in Oostende foutief 68% werkloosheidsdaling opgemeten bij laaggeschoolden jongeren. Dit was 5x (of 500%) beter dan het Vlaamse resultaat (13%), en 4x hoger dan de centrumsteden (13%) In september 2007 was de daling in Oostende (39%) nog maar 1/4 hoger dan het Vlaams resultaat (31%) en slechts 1/7 hoger dan het gemiddelde voor de 13 centrumsteden (34%). Het resultaat van Oostende voor laaggeschoolde jongeren is in feite volledig gelijklopend met 10 centrumsteden gezien Hasselt, Antwerpen en Gent sterker onder het gemiddelde zitten, zodat het gemiddelde relatief laag is. Definitie laaggeschoold, midden- en hogergeschoold voor de VDAB (zie basistabellen onderaan)
De Databank werkloosheid VDAB - Arvastat laat toe voor de -25 jarigen een opdeling te maken volgens scholing: - Laaggeschoold is ongeschoold, lager onderwijs of maximum de eerste twee jaren secundair onderwijs (1ste graad) - Middengeschoold is 2de en 3de graad secundair onderwijs - Hooggeschoold is bachelor of master, hoger en universitair onderwijs In de onderstaande tabellen geven we ook ter informatie het % laaggeschoolden op het totaal -25 jarigen. Oostende had NIET de meerwaarde die de politiek haar toedichtte
In september 2006, 9 maanden na de start van de actie, lag de Oostendse jeugdwerkloosheid van laaggeschoolden 68% lager dan een jaar ervoor, tegenover 13% in Vlaanderen en 18% in de centrumsteden.
Evolutie werkloosheid -25 jarigen 09-2005 en 2006 naar scholing - Bron VDAB | Percentages | Scholing | 13 centrumgemeenten | Laag | Midden | Hoog | Totaal | 9. Oostende | -68% | -22% | -20% | -46% | 13. Aalst | -34% | -24% | -18% | -28% | 6. Maasmechelen | -33% | -17% | -26% | -25% | 4. Ronse | -28% | -23% | -30% | -26% | 10. Houthalen-Helcht. | -26% | -16% | -7% | -20% | 8. Heusden-Zolder | -25% | -19% | -17% | -21% | 2. Genk | -22% | -28% | -18% | -24% | 5. Beringen | -19% | -14% | 11% | -12% | 12. Hasselt | -15% | -21% | -14% | -17% | 3. Gent | -14% | -14% | -20% | -15% | 7. Mechelen | -12% | -17% | -16% | -14% | 1. Antwerpen | -12% | -11% | -16% | -12% | 11. Leuven | -6% | -20% | -25% | -17% | Totaal centrumsteden | -18% | -16% | -18% | -17% | Totaal andere steden | -9% | -16% | -21% | -15% | Totaal Vlaanderen | -13% | -16% | -20% | -16% |
Een jaar later, in september 2007, na herinschrijving van de werkzoekende jobhunters vanaf juni 2007, is de daling van de werkloosheid 39% voor laaggeschoolden, tegenover 31% voor Vlaanderen en 34% voor de centrumsteden, die voor Oostende het referentiepunt zijn, en niét de situatie in Vlaanderen, zoals Vande Lanotte ten onrechte gebruikt. De 'meerwaarde' van Oostende ligt met 39% maar een fractie hoger dan de 34% van de centrumsteden. In feite scoort Oostende voor laaggeschoolden gemiddeld en zitten ze in de middenmoot. Vooral het resultaat in Gent en Antwerpen met 30% trekt het gemiddelde naar omlaag. Evolutie werkloosheid -25 jarigen 09-2005 en 2007 naar scholing - Bron VDAB | Percentages | Scholing | 13 centrumgemeenten | Laag | Midden | Hoog | Totaal | 8. Heusden-Zolder | -61% | -54% | -37% | -53% | 10. Houthalen-Helcht. | -58% | -52% | -24% | -52% | 5. Beringen | -48% | -41% | -41% | -44% | 2. Genk | -40% | -55% | -35% | -46% | 9. Oostende | -39% | -45% | -26% | -40% | 6. Maasmechelen | -38% | -37% | -49% | -39% | 7. Mechelen | -38% | -39% | -43% | -39% | 11. Leuven | -38% | -35% | -45% | -39% | 13. Aalst | -37% | -45% | -39% | -40% | 4. Ronse | -33% | -33% | -6% | -31% | 12. Hasselt | -32% | -36% | -33% | -34% | 1. Antwerpen | -30% | -35% | -44% | -33% | 3. Gent | -29% | -38% | -40% | -34% | Totaal centrumsteden | -34% | -40% | -40% | -37% | Totaal andere steden | -29% | -42% | -41% | -38% | Totaal Vlaanderen | -31% | -41% | -41% | -37% |
Opvallend is ook het erg zwakke resultaat van Oostende voor hooggeschoolden tegenover de middengeschoolden. In feite ligt het resultaat voor laaggeschoolden in Oostende volledig gelijk aan de niet-laaggeschoolden (midden- en hooggeschoolden samen), hetgeen het totale resultaat op 40% brengt. In de meeste centrumsteden en er buiten ligt de daling werkloosheid midden- en hooggeschoolden op een gelijk niveau in de centrumsteden.
"De richtlijnen werden toegepast" stelt Vande Lanotte, niets is minder waar In Oostende werd de richtlijn NIET toegepast, de jobhunting werd er ten onrechte niet als 'begeleiding' maar als een ' beroepsopleiding' beschouwd . Na de collectieve initiatiesessie werden zij uit werkloosheid geschrapt terwijl het voor hen nog moest beginnen. "Werkzoekenden die hieraan deelnamen werden omwille van het collectieve karakter omschreven als “werkzoekenden in opleiding”. Het gaat daarbij niet om een eigenlijke beroepsopleiding" (Vesoc 12-7-07) en dan is de richtlijn onverbiddelijk, de inschrijving als werkzoekende dient gehandhaafd. En als er sprake is van fout bij de registratie, dan kan dit toch niet voortkomen uit een juiste toepassing van een algemene richtlijn. Of over welke 'richtlijn' heeft Vande Lanotte het, een speciale voor Oostende? Het geheim van de mijngemeenten ontraadseld? Het Limburgs model. In vorige BuG's werd een sterkere daling van de werkloosheid in de mijngemeenten vastgesteld. Er werd gesproken van een 'inhaaloperatie'. Zaak is dat de Limburgse mijngemeenten, in het begin van de actie, relatief minder laaggeschoolde jongeren telden (zie tabellen onderaan) die evenwel meer dan elders uit de werkloosheid verdwenen zijn, bv 61% daling in in Heusden-Zolder en 58% in houthalen-Helchteren op twee jaar tijd. Hoe is de beginsituatie van relatief lage laaggeschoolde werkloosheid te verklaren, vonden ze vroeger vlugger werk dan hoger geschoolden, zijn er minder laaggeschoolden in Limburg? Hoe komt het dat de beperktere groep laaggeschoolden toch vlugger dan in andere centrumsteden aan het werk geraakt? Misschien moet ook eens goed naar Limburg gekeken worden en kan er sprake zijn van een 'Limburgs model'. Specifieke actie in Antwerpen, Gent en Hasselt kan resultaat laaggeschoolden verder omhoogtrekken Midden- en hogergeschoolden vinden gemakkelijker een weg uit de werkloosheid met 40% werkloosheidsdaling in de centrumsteden en 41% erbuiten dan de laaggeschoolden met 34% daling. Maar hierin speelt vooral de lage score voor laaggeschoolden in de grootsteden Gent en Antwerpen een rol waar het resultaat, weliswaar met 30% op een goed niveau, nog kan verbeteren. Het grootstedelijk karakter en de hogere aanwezigheid van allochtonen vertekent een lineaire vergelijking tussen de steden. Het is/was te betwijfelen of de overtrokken positie van de witte stad Oostende hier zo richtinggevend kan zijn als men politieke heeft doen uitschijnen. De politiek euforie rond Oostende zonder grond voor harde aanpak 'laaggeschoolden' Tegenover de reductie van de impact van het Oostends model klinken de politieke uitspraken hard en hol: Nieuwsblad 31/07/06: "Wat de aanpak van de werkloosheid en de langdurig werklozen betreft, werpt de activeringspolitiek van Vlaams minister Frank Vandenbroucke vruchten af. Ons principe is om werklozen via opleidingen nieuwe tewerkstellingskansen te geven. Dat is bijvoorbeeld in Oostende met laaggeschoolden wonderwel gelukt. Wie niet wil ingaan op een dergelijk werkaanbod, moet geschorst worden.'' Het wonder van Oostende was evenwel fake, het was niet 'wonderwel' zoals Vande Lanotte stelt, maar de politieke conclusies waren daarentegen hard en ingrijpend. Na twee jaar zit Oostende voor laaggeschoolden gewoon in het peleton van de centrumsteden, een plaats die ze doorheen de ganse (jobhuntings)actie (maar) gehad hebben. Het Laatste Nieuws 21/05/06: "De nieuwe aanpak van minister van Werk Frank Vandenbroucke (sp.a) om de jeugdwerkloosheid in Vlaanderen sterk te doen dalen, kent een spectaculair succes. Dat blijkt uit de resultaten in Oostende, de stad die het nieuwe systeem als eerste uittest. In vier maanden zijn er al 37 procent minder jongeren zonder werk... In 2005 waren er in Oostende gemiddeld 485 werkzoekende, laaggeschoolde jongeren. ...Tussen 1 januari en 1 mei van dit jaar is dat aantal al met 37 procent gedaald tot 301, zegt Johan Vande Lanotte. Bovendien volgen nu zo'n 50 jongeren een intensieve opleiding en nog 33 staan in de wachtrij om een opleiding te krijgen. Na de opleiding hebben ze effectief zicht op een job." Zo kon in Oostende in 2006 van alles beweerd worden. In mei 2006 was 37% al tewerkgesteld en 17% was 'bovendien' in opleiding, of waren die toen al niet begrepen in de 37% daling, zodat in feite maar sprake was van een echte daling met 20%, vijf maand na het begin van de actie. De VDAB zou best eens alle uitgekuiste cijfers publiceren vanaf januari 2006, zodat ook voor die periode de echte impact van de acties in de centrumsteden kan nagegaan worden. De verhoging werkloosheid laaggeschoolden geeft mate aan waarin de actie niet gelukt is In mei 2007 nog, de maand vóór de rechtzetting, was de werkloosheid van laaggeschoolde jongeren in Oostende zogezegd met 65% verminderd, in vergelijking met mei 2005. In juni werd dit bijgesteld en in september 2007 werd een daling van 39% vastgesteld in vergelijking met september 2005 of een vermindering met 26%. Dat waren dan laaggeschoolde jongeren die wel uitgeschreven waren maar nog geen werk hadden en ook geen beroepsopleiding volgden. Het geeft in feite de mate aan waarin het Oostends model nog niet gewerkt heeft in Oostende.
Herinschrijving in Oostende wil ook zeggen dat er feite minder jobs waren Als er in feite meer werkzoekenden waren in Oostende dan waren er evenmin jobs voor deze vermeende werkenden. Door de verkeerde werkzoekendencijfers werd ten onrechte de indruk gegeven dat er wél jobs waren . En dat het (vooral de laaggeschoolde) werkzoekenden waren die 'werkonwillig' waren. Enkel door de totale aanpak en de dreiging van schorsing zouden laaggeschoolden (eindelijk) tot werk gebracht zijn. Een scha(n)delijke en onterechte stigmatisering.
Minimalisering resultaten andere centra
Een ander nefast gevolg is dat de positieve resultaten in andere centra werden door de Oostendse luchtbel ten onrechte (statistisch) geminimaliseerd werden, hetgeen ook in het nadeel speelde van de (laaggeschoolde) werkzoekenden. De VDAB heeft dit in de feite opgevangen door voldoende breed de positieve ervaringen in de andere centra in haar beleid te verwerken. Het echte nieuws in 2006: specifieke actie voor laaggeschoolden loont
Het globale resultaat voor laaggeschoolden in de centrumsteden lag in september 2006 voor alle centrumsteden samen met -18% dubbel zo hoog als in de rest van Vlaanderen (-9%), dàt had het echte nieuws moeten zijn in 2006! Na twee jaar is dit verschil gehalveerd zodat ook, allicht omwille van de algemene economische toestand, buiten de centrumsteden de laaggeschoolde jongeren hun weg naar een job gevonden hebben. Waarom heeft geen van de 'partners' vlugger de klok geluid? Binnen het Vlaams Economisch Sociaal Overlegcomité (VESOC) vindt het drieledig overleg tussen overheid, vakbonden en werkgevers plaats. Op 12 juli 2007was elkeen perfect op de hoogte van de foute werkloosheidscijfers in Oostende en hun overmatige( politieke) impact op het beleid. Waarom hebben vakbonden en werkgeversorganisaties er niet zelf melding van gemaakt? En waarom hebben al deze deskundigen de foute ingifte niet vroeger vastgesteld? Vande Lanotte en percentages, het zal nooit lukken. Vande Lanotte meldt in De Standaard/Belga van 12-10-07 dat de afstand tussen de Vlaamse en Oostendse werkloosheid nog 4,17% is in 09/2005 en in 09/2007 nog maar 2,66%. Dus is Oostende er op vooruitgegaan klinkt de volledig onterechte conclusie. | 2005 | 2007 | Verschil | % daling | Vlaanderen | 8,99 | 6,42 | 2,57 | 28,6% | Oostende | 13,16 | 9,09 | 4,07 | 30,9% | Verschil | 4,17 | 2,67 | | |
Niet het verschil tussen Vlaanderen en Oostende maar de evolutie in Vlaanderen en Oostende dient als % bereken. En dan is de werkloosheid op die twee jaar met 28,6% gedaald in Vlaanderen en in Oostende met 30,9%, of dicht bij het Vlaams gemiddelde. Volgens Vande Lanotte "is dat op zich al een unieke inhaalbeweging", terwijl er van inhaalbeweging zelfs geen sprake. Niet het 'absolute' verschil maar de 'relatieve' evolutie moet vergeleken worden en die wijkt niet af van de Vlaamse evolutie, een conclusie die ook voor de -25 jarigen werd vastgesteld en die ook opgaat voor de algemene werkloosheid in Oostende. De mythe Oostende is vooral een 'politiek' fenomeen (geweest) Het buiten proporties naar voor trekken van het Oostendse model was vooral een op politieke (neven)doelen gestoelde vermeende werkelijkheid. Het heeft de VDAB evenwel niet verhinderd om de positieve aspecten van alle centrumsteden (en daarbuiten) te integreren in haar effectieve en vruchtbare actie tav jonge werkzoekenden (en alle anderen) met aandacht voor de laaggeschoolden en de allochtonen. Jan Hertogen, socioloog |